Planten hun namen doen er toe

Planten hun namen doen er toe

Waarom een wetenschappelijke naam?
Wetenschappers en professionals gebruiken bij voorkeur wetenschappelijke namen. Dit omdat bijvoorbeeld Nederlandse namen vaak dubbel gebruikt worden. Denk maar aan het ‘Ooievaarsbekje’ of de ‘Pinksterbloem’. Vaak worden meerdere soorten met één naam aangeduid. Soms geeft men in verschillende regio’s dezelfde naam aan verschillende soorten.

Door één correcte naam te gebruiken voor één organisme kan een wetenschapper of een liefhebber uit België correct communiceren met pakweg een Japanner. Zo weten beide dat ze over dezelfde soort praten.

Bij kamerplanten ga je vaak gewoon geen Nederlandse naam vinden: de meeste kamerplanten komen uit tropische of subtropische bossen waar er geen Nederlands gesproken wordt door de lokale bevolking, wie zou ze dan een Nederlandse naam geven? Vaak is het dan een kweker die maar iets uitvindt. Zo heb je bijvoorbeeld recent de Begonia ferox die ‘de trollenplant’ wordt genoemd. Hier zijn uiteraard enkel commerciële redenen voor.
Wij zijn bij Spore geen fan van triviale namen zoals ‘trollenplant’. Het is een niets zeggende naam en deze prachtige plant verdient beter ;-)

                         Begonia ferox wordt vaak verkocht als 'trollenplant'

 


Latijn, Grieks of wetenschappelijk?
Wij bij Spore Nursery spreken graag van een wetenschappelijke naam en niet van een Latijnse naam. Zeker niet om lastig of speciaal te doen! We zouden niet durven. Maar gewoon omdat het juister is. Planten (en dieren) hun namen zijn vaak van het Latijn of het Grieks afkomstig en aangepast. We spreken dus over verlatijnste of vergriekste namen. Er worden Latijnse woorden gebruikt om een plant te benoemen en aangepast aan de regels van de botanie. Een beetje Latijn kun je in een naam vaak ontdekken, maar echt correct is dat Latijn dus nooit.
Meneer Dupont, voormalig tuinbouwleerkracht van Jelle zou uitermate trots zijn geweest op deze alinea!


Hoe ziet zo’n wetenschappelijk naam eruit?
Een wetenschappelijke naam is opgebouwd uit twee delen: een geslachtsnaam die altijd met een hoofdletter begint gevolgd door een soortnaam, geschreven in kleine letters. Bijvoorbeeld:

          Begonia ferox

Een wetenschappelijke naam wordt schuin geschreven.
Als je helemaal wetenschappelijk correct wilt zijn kun je ook nog de afkorting van de naamgever en het jaartal van publicatie erachter plaatsen. Dit wordt in gespecialiseerde lectuur gedaan, in de hobby nagenoeg niet. Bijvoorbeeld:

          Begonia ferox C.I Peng & Yan Liu (2013)
 
Aan deze naam kun je zien dat Peng en Liu in 2013 deze plant nieuw beschreven. 

Soms worden de namen van planten tussen aanhalingstekens geplaatst. Het gaat dan niet om een botanische soort (een soort die in de natuur voorkomt) maar om een plant die door de mens door kruising bekomen werd, of geselecteerd werd door de mens op basis van een specifiek kenmerk.
Bijvoorbeeld:

          Philodendron hastatum ‘Silver Queen

‘Silver Queen’ is een cultivar naam die door de mens gegeven is. Het gaat hier om een botanische soort (namelijk Philodendron hastatum). Eén van deze planten vertoonde in de natuur of in een collectie een grijzig blad. De mens is hier verder op gaan selecteren. Wanneer de mens deze ene plant massaal gaat klonen om te verkopen geven ze deze een commerciële naam ‘Silver Queen’.
Wilt dat zeggen dat deze plant niet in de natuur voorkomt? Helemaal niet. Planten kunnen binnen hun soort verschillen afhankelijk van de groeicondities; warmer klimaat op een heuvelrug, koeler klimaat in het dal, meer of minder lichtintensiteit… Deze kleine verschillen zorgen op lange termijn voor evolutie en soortvorming. Maar vaak zijn deze kleine verschillen nog niet groot genoeg om van verschillende soorten te spreken. Meestal noemen we zo iets variëteiten of types.


Copy rights
Omdat er copy rights op commerciële namen rusten komen vaak dezelfde soort planten onder verschillende namen op de markt. Denk maar aan Philodendron 'Birkin'. Deze cultivar wordt oa verkocht als 'Birkin', 'White Wave', 'White meassure',... Het zijn allemaal dezelfde plant maar met verschillende gepattenteerde namen.

Een cultivar naam wordt niet schuin geschreven.

Soms is er door een kweker zoveel gekruist met verschillende soorten dat we de ouder paren niet meer kennen, of dat dit te lang is om op te schrijven. We noteren dan de geslachtsnaam met direct de cultivar naam. Bijvoorbeeld:

          Dracaena ‘Chanin

Een kruising tussen twee verschillende soorten duiden we aan met een x. Zo heb je een kruising tussen Nepenthes ventricosa en Nepenthes alata bijvoorbeeld:

          Nepenthes x ventrata
 

Nepenthes x ventrata is een kruising tussen N. ventricosa en N. alata


Een kruising tussen twee geslachten komt veel minder voor maar is niet uitgesloten. De x wordt dan voor de geslachtsnaam geplaatst.

          x Cupressocyparis

x Cupressocyparis is een kruising tussen Cupressus macrocarpa en Chamaecyparis nootkatensis.
Dit kun je vergelijke tussen het kruisen van een schaap en een geit.

Niet alle kruisingen geven altijd vruchtbare nakomelingen. Sommige kruisingen leiden zelfs tot planten die vruchten vormen zonder zaden (= parthenocarp) zoals bijvoorbeeld bij de Chiquita banaan (Musa acuminata 'Grand Nain’). Deze soort kun je enkel nog door stekken  en weefselkweek vermenigvuldigen.
 

In het midden van de vrucht zie je de restanten van wat vroeger
uitgroeide tot zaden. We spreken van parthenocarpe vruchten.

 


Verwantschap
Planten die veel van elkaar weg hebben plaatsen we in hetzelfde geslacht. Zo hebben Philodendron hastatum en Philodendron gloriosum voldoende eigenschappen gemeen om samen in het geslacht Philodendron te worden geplaatst. Bijvoorbeeld dezelfde manier van groeien, nervenpatroon,…

Als we verder gaan kijken kunnen we vaststellen dat Monstera en Philodendron dezelfde soort bloeiwijze aanmaken. Ze hebben dus vele eigenschappen gemeen maar ook veel eigenschappen die verschillen. Dat kan je vergelijken met neven of nichten in een familie. We plaatsen beide geslachten in dezelfde groep, deze groep noemen we een familie. Bijvoorbeeld:

          Aarondskelkenfamilie of Araceae

Na soort, geslacht en familie kunnen we nog verder gaan in orde, subfamilies enzoverder.
De drang om in te delen is echt iets menselijks.

 
Bloeiwijze van een Monstera deliciosa.
Arondskelken vormen allemaal dezelfde soort bloeiwijze:
een kolf met schutsblad.
 
 
Elk afzonderlijk 'blokje' is een individuele bloem.
Na bestuiving groeit elke bevruchte bloem uit tot een bes met
één of meerdere zaden.


Kunnen planten van naam veranderen?
Ja! En dat doen er sommige ook af en toe.

Aan het begin van de ontdekkingsreizen toen vele planten werden ontdekt en beschreven keken wetenschappers vooral naar het uiterlijk (= morfologie) van de plant om ze in groepen in te delen.
Dezelfde bloeiwijze, aantal meeldraden, stampers, nervenpatroon… Allemaal eigenschappen waar verwantschap en verschil in voorkomt en dus belangrijke eigenschappen voor de opdeling in plantenfamilies.

Tegenwoordig gebruiken botanici naast morfologie ook het DNA van planten om ze te beschrijven en om verwantschappen te ontdekken. Op deze manier hebben we door de jaren heen verschillende verwantschappen ontdekt die niet duidelijk waren uit het onderzoeken van  enkel planten hun morfologie.
Zo hebben we bijvoorbeeld Sansevieria ingedeeld bij Dracaena. En bestaat Sansevieria als wetenschappelijke naam niet meer sinds onderzoek van de Universiteit Gent, Plantentuin Meise en Royal Botanic Garden Kew uit 2017
.
Uiteraard is de Nederlandse naam Sansevieria of vrouwentong zo ingeburgerd dat die naam waarschijnlijk nooit gaat verdwijnen.

De andere richting is ook mogelijk: in 2012 werd er DNA-onderzoek verricht op de Calathea’s. Hieruit bleek er binnen het geslacht veel verschil te zijn tussen soorten. Het geslacht werd opgedeeld in Goeppertia en Calathea. De meeste kamerplanten die als Calathea worden verkocht zijn sinds 2012 eigenlijk Goeppertia’s.

 
In 2012 werden plots vele Calathea's hernoemd tot Goeppertia.
Hierboven zie je de Goeppertia warszewiczii

 
 
Uiteraard is het geen ramp als je je plant zijn naam niet meteen aanpast. Zelfs in veel plantentuinen zijn de wetenschappelijke namen al lang niet ge-update. Weet echter dat planten door vernieuwd onderzoek kunnen ondergebracht worden in nieuwe geslachten of zelfs nieuwe families. De oudste correcte naam zal altijd de officiële zijn.

Een mooi voorbeeld is de Phyllotaenium lindenii. Deze plant stond door de jaren heen bekend als Caladium lindenii en Xanthosoma lindenii. Onderzoek in 2023 gaf echter aan dat de plant genetisch te verschillend is om een soort in één van beide geslachten te zijn. Dat was voor  Australisch botanicus Alistar Hay voldoende om in 2023 het oude geslacht Phyllotaenium opnieuw in gebruik te nemen voor deze soort.



Door de jaren heen kreeg deze plant verschillende namen.
Onlangs gaf botanicus Alistar Hay de naam Phyllotaenium lindenii aan deze soort.



Zoals je kunt lezen is het verwonderlijk dat sommige planten geen identiteitscrisis doormaken!


Hoe doen wij het bij Spore Nursery? 
Omdat er verschillende indelingen bestaan van het plantenrijk en niet alle botanische instituten dezelfde regels of systematiek volgen hebben we bij Spore Nursery gekozen om de Royal Botanic Gardens of Kew te volgen.
Wij gebruiken Plants of the world Online om onze planten van de correcte naam te voorzien.

Wanneer we planten selecteren bij groothandels of kwekers botsen we zeer vaak op foutieve, onvolledige of commerciële namen. (Trollenplant!) Daar zijn wij maar zeker ook jij niets mee. Met enkel een foutieve naam of zelfs een benaming als ‘groene plant’ kun je niet de juiste informatie en verzorging opzoeken. Daarom investeren wij enorm veel tijd en moeite in het opzoeken van de correcte naam zodat we jou als klant het beste kunnen ondersteunen bij het verzorgen van je planten.

Heb je toch een fout gevonden? Laat het ons zeker weten zodat we het kunnen bekijken.

Indien er onduidelijkheden of onzekerheden zijn omtrent een plant vermelden we dit zo goed als mogelijk op de plantenfiche.
Terug naar blog